JRS VRAAGT MEER RESPECT VOOR DE RECHTEN VAN GEDWONGEN MIGRANTEN

Ons pleidooi voor het respecteren van de rechten van de gedwongen migranten omvat verscheidene niveaus. Elk bezoek aan gedetineerden biedt de gelegenheid om een directielid van het gesloten centrum of een coach voor de terugkeerwoningen te ontmoeten. Van een gesprek over een individueel geval maken we dikwijls gebruik om de aandacht van onze gesprekspartner te vestigen op de werkelijkheid zoals die door gedetineerden wordt ervaren in het kader van een uitwijzingsprocedure, en zelfs om het te hebben over de structurele werking van het centrum of van het bestuur. Die veeleer algemene kwesties worden stelselmatig besproken tijdens onze driemaandelijkse ontmoetingen met de Dienst Vreemdelingenzaken, enerzijds met het hoofd van de gesloten centra en anderzijds met de leidende ambtenaar voor de terugkeerwoningen. We hebben bv. gewezen op de noodzaak om de juiste toepassing te controleren van artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens ten aanzien van de detentie van onderdanen uit gevoelige landen (Eritrea, Sudan, Somalië, Burundi, e.d.) en op de onwettelijkheid van sommige vormen van het ‘aangepaste stelsel’ waaraan sommige bewoners tegen hun wil worden onderworpen.

Toen de ‘gezinswoningen’, d.w.z. de gesloten eenheden voor gezinnen met minderjarige kinderen, in augustus 2018 in gebruik genomen werden, heeft dat het meeste van onze krachten gevergd. De campagne Een kind sluit je niet op. Punt., die werd gestart in het kader van het platform Kinderen op de Vlucht, ging in een veel hogere versnelling. Bijna 330 organisaties (waaronder de Belgische bisschoppenconferentie), die meer dan 30.000 handtekeningen verzamelden, zetten zich daar nog steeds voor in. Vervolgens heeft JRS het initiatief genomen voor het indienen van een beroep voor de Raad van State tegen het koninklijk besluit over de werking van de gezinswoningen, waardoor dus minderjarigen kunnen worden opgesloten.

Onder het voorwendsel van de strijd tegen een denkbeeldig ‘aanzuigeffect’ worden de fundamentele rechten van deze mensen steeds meer onder druk gezet.

In aansluiting daarop werd JRS Belgium gevraagd om een schriftelijk advies in te dienen bij de Commissie Binnenlandse Zaken van de Kamer van Volksvertegenwoordigers en vervolgens om er te worden gehoord over een wetsvoorstel voor het beperken van de opsluiting van kinderen in een migratiecontext. Wij hebben besloten onze bijdrage toe te spitsen op de bestaande alternatieven voor detentie. Dat bood ons de gelegenheid een samenvatting te maken van alle vaststellingen, kritieken en aanbevelingen die wij hebben geformuleerd in de tien jaren waarin we de terugkeerwoningen hebben bezocht, alsook om er nadrukkelijk voor te pleiten dat de alternatieven voor detentie eindelijk door een onafhankelijke externe instantie zouden worden geëvalueerd.
We nemen ook dikwijls deel aan acties die door onze partners worden gevoerd. Zo heeft JRS Belgium zich aangesloten bij de vele ngo’s die bij het Grondwettelijke Hof een klacht hebben ingediend tegen de ‘Mammoetwet’, die het aantal procedurele voorwaarden voor asielzoekers drastisch opnieuw heeft bekeken. JRS heeft ook deelgenomen aan de werkzaamheden van de Commissie NCOS-11.11.11 ‘Migratierechtvaardigheid’. In dat kader hadden we het genoegen om in onze kantoren het bezoek te ontvangen van de heer Jean-Luc Bodson, de vertegenwoordiger van België bij de onderhandelingen over het Global Compact on Migration, en hem te spreken over onze ervaring met de preventieve detentie van migranten. JRS heeft ook deelgenomen aan de reactie van het verenigingsleven op de werkzaamheden van de Commissie-Bossuyt, die van de regering opdracht gekregen had om het door België gevoerde terugkeerbeleid te evalueren. Onder de bescherming van het HCR hebben we het initiatief genomen voor werkvergaderingen van de communautaire Ordes van Advocaten (OVB en OBFG), de Dienst Vreemdelingenzaken en andere partners met het oog op de verbetering van de juridische tweedelijns dienstverlening in detentie. Met de Transitgroep hebben we eind 2018 ook twee belangrijke werknota’s opgesteld over het verband tussen enerzijds detentie en openbare orde en anderzijds het scheiden van gezinnen.

JPEG - 48 kB

In de loop der jaren is de taak om de rechten van de gedwongen migranten te verdedigen steeds noodzakelijker en moeilijker geworden wegens de creativiteit die onze regering aan de dag legt in haar gedwongenterugkeerbeleid: onder het voorwendsel van de strijd tegen een denkbeeldig ‘aanzuigeffect’ worden de fundamentele rechten van deze mensen steeds meer onder druk gezet. Aangezien het voor onze gezagsdragers blijkbaar niet volstaat het aantal plaatsen in de gesloten centra steeds uit te breiden, maken ze van die centra instrumenten om illegale migranten te brandmerken, terwijl het doel van die centra wettelijk beperkt is tot de snelle uitvoering van een gedwongen terugkeer. JRS Belgium ziet meer en meer een nieuw onderzoeks en actieterrein opdoemen, namelijk dat van de alternatieven voor detentie.

<<Terug