Waarom België?

‘De wereld, mijn thuis.’ Deze spreuk gaf een vriendin mij bij mijn afstuderen. Vervolgens werkte ik mee aan humanitaire projecten in Congo, Eritrea, Vietnam, Abchazië, Malawi en Guatemala. Na twintig jaar koos ik voor een permanent verblijf in België. Eind vorig jaar startte ik als bezoeker in de terugkeerwoningen bij JRS Belgium.

De kinderen zijn op school afgezet. Het verkeer vlot langzaam. Ik weet nog niet dat dit de laatste bezoekdag wordt voor lange tijd. Halverwege gaat de telefoon. Ik herken het nummer van de familie die vastzit in de terugkeerwoning van Zulte. Handfree neem ik op.
-  Madame Kristien, het is met Grace.
-  Hoe gaat het?
-  We zijn nog steeds hier. We weten niet wat er met ons gaat gebeuren.
-  Ik weet het ook niet.
We praten nog wat verder. Grace en haar zoon legden vele kilometers af door de brousse. Haar dorp lag in een gevaarlijk gebied, afgesloten van de buitenwereld. Roadblocks. Geen communicatiemiddelen. Amper voedsel. Een gebied waar waardigheid gestopt was en het dierlijke instinct vrij spel had. Haar huis was geplunderd en een dochter in haar aanwezigheid vermoord. Uiteindelijk verzeilde ze met haar zoon in de hoofdstad. Vandaar had iemand een vlucht voor hen geregeld met als bestemming Europa. Gedreven door de angst, had ze de moed om alles achter te laten en vol hoop in het onbekende te landen.

JPEG - 481.4 kB

De gps brengt me tot Bevekom. De verantwoordelijke van de terugkeerwoningen laat me in haar kantoor binnen en geeft me een korte update. Deze keer zijn er vier gezinnen. Drie zitten hier omdat ze in de luchthaven asiel aanvroegen. Eén gezin zit vast omdat ze niet wettig in België verblijven. Ik stap het kantoor uit en klop aan bij huisnummer 2. Een vrouw doet open.
-  Hello, bonjour. Je suis du JRS Belgium. De vrouw glimlacht.
-  Me little English, zegt ze en opent de deur verder.
Ik bedank haar en stap de woonkamer binnen. Kale, beige muren. Een houten tafel met vier houten stoelen. Een televisiescherm aan de muur. Een zwart lederen zetel. Wat speelgoed verspreid. Niets in de woonkamer verraadt de eigenheid van deze familie. Een familie op doorreis. Ze wijst de zetel aan. Ik ga zitten. Zij ook. Een meisje kruipt op haar schoot.
-  Ik ben Kristien. Ik werk voor JRS Belgium.
Ik tokkel op mijn gsm en Google translate zet de zinnen om naar de taal van de vrouw.
-  We mogen gezinnen, zoals jullie, komen bezoeken. We luisteren. Je kan ons bijvoorbeeld vragen stellen over je rechten in België.
Geleidelijk aan komt het gesprek los. Met een neergeslagen blik vertelt ze.
-  In mijn land heb ik veel meegemaakt. Een traan. Ik kan nooit meer terug. Ik weet niet of ik ooit mijn familie nog zal zien. Een stilte.
Wat kan ik deze vrouw zeggen? Het meisje kijkt me schuchter aan. Ik raap een speelgoedautootje op en duw het over de grond. Zij duwt het met haar voet terug. De auto brengt beweging in de ruimte, ook in onze gedachten. Een glimlach.
Ik vraag haar hoe de aankomst in België verliep. Hoe de woning haar bevalt. En hoe de communicatie met de advocaat verloopt. Tot slot stel ik een vraag die ook mij fascineert:
-  Waarom heb je voor België gekozen?
-  Ik heb veel gelezen. België is de hoofdstad van Europa. Belgen glimlachen gemakkelijk, zoals in Spanje. Er zijn democratie en mensenrechten. Dat is ook mijn levensstijl.
Diep vanbinnen wens ik dat ze snel een positieve beslissing krijgen en dat haar inschatting van mijn geboorteland klopt. Ik neem afscheid, stap naar buiten en ga in gesprek met de andere gezinnen. In hun ogen zie ik hun wereld. In hun woorden beluister ik de wereld. Als afsluiting heb ik nog een kort gesprek met de verantwoordelijke, daarna rij ik weg van Bevekom. De verhalen zijn binnengesijpeld. Morgen zal ik op kantoor de dossiers van de gezinnen opvolgen. Plots overdondert de radio mij: ‘... alle lessen worden opgeschort... restaurants moeten de deuren sluiten…’ Kan dat? Is het deze keer onze beurt?

Drie weken zit ik inmiddels thuis. Online heb ik overleg met collega’s en telefonisch volg ik gezinnen. Mijn kinderen geef ik tussendoor les. België is op een of andere manier stilgevallen. En toch, er is nog stromend water, telefoonverbinding, elektriciteit en voedsel. Mensen blijven binnen, ook de mensen zonder papieren die nog opgesloten zitten of opgesloten zullen worden. Mensen worden ziek. Erg ziek. Verbondenheid, uitdagingen en hoop moedigen me aan. Ondertussen belde Grace.
-  Madame Kristien, we hebben een positief antwoord gekregen. We mogen blijven.
-  Welkom in België.
Het was de eerste keer dat ik dit aan een gezin kon zeggen.

Kristien Vliegen
bezoeker terugkeerwoningen